Kraamkwellingen – Marcel

Twee dagen moesten moeder en dochter in het ziekenhuis blijven en daarna, op een woensdagochtend, haalde ik ze op. De kraamverzorgster, Lydia, kwam in de loop van de middag langs om kennis te maken. Het was kordaat type van in de dertig. Ik maakte haar wegwijs in het huis, want dat zou zes weken lang haar domein zijn, ze liet zien hoe je een baby een flesje geeft en daarna vertrok ze weer, wat instructies voor de nacht achterlatend. De volgende ochtend, om acht uur, zouden haar kraamdiensten beginnen. Ze had van mij een huissleutel gekregen, dus ze kon zo naar binnen.

De nacht verliep rustig. De volgende ochtend werd ik wakker van gerommel aan de voordeur. Lydia. Ze had al aangekondigd thee naar boven te brengen en dat was een prettige gedachte. Ik draaide me van mijn rechterzij op mijn rug en rekte me loom uit. Niet lang daarna hoorde ik gestommel op de trap. Lydia kwam binnen met een dienblad in haar handen. ‘Thee met beschuit,’ zei ze. ‘Ha, lekker!’ reageerde ik. Ik ging rechtop zitten en schikte mijn kussen achter me. Anne deed hetzelfde en nam het dienblad in ontvangst. Er stond één dampend glas en één bordje met twee beschuitjes op.

Het trof me als een rechtse directe. En meteen kwam er een tweede klap bovenop. ‘Zo, meneer Van Stigt,’ wierp Lydia me toe. ‘Eruit. Joy moet in bad.’ Verdoofd sloeg ik het dekbed van me af, stapte uit bed en volgde haar als een mak lammetje naar de kinderkamer. Hier had ik geen seconde op gerekend.

Ik kreeg een spoedcursus babyverzorging. Uitkleden, luier af, schoonpoetsen, badderen, afdrogen, luier om, aankleden. Ik moest alle zeilen bijzetten om bij de les te blijven. Mijn aangeboren onhandigheid manifesteerde zich in volle glorie. Met als dieptepunt het aandrukken van de drukknoopjes. Dat lukte niet.

Op hulp hoefde ik niet te rekenen. Ook niet als ik Lydia met de wanhoop in de ogen aankeek. Ze stond er, met de handen in de zij, bij en liet mij al het werk doen. Even kreeg ik nog de aanvechting om het op te geven en te zeggen dat zij het maar moest doen. Dat slikte ik echter wijselijk in.

Zo begon voor mij de kraamtijd en zo zou het blijven. Ik raakte weliswaar steeds meer bedreven in de vereiste handelingen, maar de roze roes die zich eerst nog om me heen had gevormd was verdampt. Anne werd intussen heerlijk in de watten gelegd. Terecht natuurlijk, maar ja, voor mij was de geboorte van Joy toch ook een zware bevalling geweest? Maar dat telde niet.

Ik legde me er maar bij neer. Slechts één keer nog ben ik in de fout gegaan. Na een zware nacht – Joy had constant last gehad van darmkrampjes – zakte ik in de middag, zittend op de bank, helemaal in. ‘Koffie?’ hoorde ik Lydia vragen. ‘Hè ja,’ steunde ik. ‘Mooi,’ reageerde ze. ‘Maak dan meteen voor Anne en mij dan ook even een bakkie.’

About the author  ⁄ Redactie

Related Posts

No Comments