Het weeëndansje en de pufmethode – Peter

Mannen zijn machtig, stoer, sterk en altijd hebben ze de controle, zo zijn mannen. Tenminste, de meeste mannen zouden willen dat het zo was. Maar er komt een moment dat je je mannelijkheid volledig overboord moet gooien en je je compleet dienstbaar dient op te stellen. Heren, bereid je voor op de bevalling!

Zomaar, vanuit het niets beginnen de weeën. Meestal is dat moment precies tijdens de bekerfinale voetbal of erger nog, de laatste drie minuten van de Champions league finale, terwijl Ajax voor het eerst sinds 1996 weer zover gekomen is (mag ook iets anders zijn hoor..). En dan spring je uit je stoel en geloof me, die wedstrijd kan je dan echt gestolen worden!

Dit is het moment waarop jij je moet bewijzen. Normaal gesproken helpt zij je wel herinneren dat je de huissleutels en je portemonnee niet moet vergeten, of de achterdeur op slot is en het gas wel afgesloten. Maar nu niet. Dit is waar je maanden voor getraind hebt, dit is jouw moment. En heren, dit moment moet je nemen en uitstekend tot een einde brengen, want in alle uren van de bevalling die gaan komen heb jij niets, maar dan ook helemaal niets te vertellen!

Als je vrouw thuis bevalt en alles verloopt perfect, dan valt het op zich nog wel mee. Een telefoontje naar de vroedvrouw en – mits ze direct wil en kan komen – hoef jij niets meer te doen tot na de bevalling. Het ziekenhuis echter, dat is een ander verhaal: “Heb ik de tas en zitten de kleertjes daarin?” “Ponskaartje, wat was dat ook alweer?” “Schone onderbroeken (wel degenen zonder gaten en die oma-versie, want de kilootjes verdwijnen niet direct met de placenta)?” “Autosleutels, check!” “Portemonnee, check!” En dan op weg naar het ziekenhuis.

En weeën doen pijn, heel veel pijn! En daar is niets, maar dan ook niets dat jij er aan kunt doen. Ach, je hebt vast ook zo’n weeëndansje geleerd en de pufmethode onthouden. Vergeet ze maar, je staat meer voor lul dan dat je helpt. Jij kan helpen door haar gerust te stellen. Lekker met doekjes op haar voorhoofd deppen, “komt wel goed, schatje” roepen en grote kans lopen dat ze je een beuk geeft, want “heb jij wel eens een voetbal door je anus naar buiten moeten duwen, eikel!” Maar je vergeeft het haar, want zij bevalt, niet jij!

En dan, na een paar uur (als je geluk hebt) heb je de kleine in je handen. Je bent alle ravage aan je vrouw even vergeten en samen zijn jullie dolgelukkig. En dan ineens realiseer je je: jij hebt niets gedaan! Jij had totaal geen controle! Zusters renden heen en weer, vrouwen liepen te persen en te steunen. En jij? Jij had een doekje in je hand (sommigen schijnen er zelfs flauw te vallen).

Nee mannen, hoe moeilijk ook, jij had hier niets, maar dan ook niets mee te maken, niks in te brengen. En die klap kan soms eventjes (heel eventjes maar, we zijn tenslotte mannen) hard aankomen. Maar dan realiseren we ons dat wij in ons kruis nog helemaal heel zijn, dat er nu van alles geregeld moet worden wat de vrouw niet kan (tenminste nu even niet) en dat alles nu even op de man aankomt. Wij zijn weer sterk en de vrouw is zwak. Die twee dagen na de bevalling zijn helemaal van jou! Geniet van die dagen, want ze zijn zo voorbij en dan mag je de broek weer aan haar geven.

About the author  ⁄ Redactie

No Comments